Naar Michael Parsons

Geïnspireerd door kleuterwerkstukken

          

Geïnspireerd door leerlingen groep 3, 4 en 5

          

Geïnspireerd door leerlingen groep 7 en 8

          

Geïnspireerd door leerlingen VO

         

Opbrengst voor mezelf als kunstenaar

     

Ik was jaren leerkracht basisonderwijs. Ik heb op meerdere scholen gewerkt. Ik heb eindeloos met de leerlingen gepraat over wat ze mooi vonden en waarom; ik heb eindeloos gepraat met de leerlingen over wat zij zelf maakten. Het waren jaren van uitproberen en zoeken en vooral goed luisteren en kijken naar leerlingen en hun werkstukken.

Langzaam maar zeker ontstond een beeld van ontwikkeling in waarderen van kunst. Langzaam maar zeker besefte ik dat er een verband bestaat tussen eigen werk en wat leerlingen in de kunst mooi vinden. Ik ontdekte dat kleuters eigenlijk alle kunst wel konden waarderen. Hun associatieve vermogen gaf ze de mogelijkheid overal wel iets in te zien. Ik ontdekte dat voor kleuters abstracte kunst aansloot.

Ik ontdekte dat er op een gegeven moment een behoefte was in beelden te communiceren; ergens in groep 2 soms in groep 3 gingen kinderen schema's tekenen; een huis werd een vierkant met een driehoek er op, een vogel werd een 'V', etc.

Deze schema's werden steeds meer 'ingevuld', nauwkeuriger, gedetailleerder. De leerlingen vroegen ook aan mij hoe ze het moesten doen. Moeilijke vragen vond ik, waar ik ook niet direct een antwoord op had. Bijvoorbeeld: 'Meester hoe teken ik water...?' Ik had niet het antwoord. Ik zocht antwoorden in de kunst en liet de leerlingen allerlei tekeningen en schilderijen zien van kunstenaars die water tekenden en schilderden. Zo zochten we naar de beste manier voor het kind om water te tekenen. Een fascinerende ontdekkingsreis.

Pas in 2001 haalde ik mijn eerste graad teken diploma aan de HKU. Tijdens die opleiding kreeg ik een onderbouwing aangereikt van dat wat ik al op de basisschool ontdekt had. Theoretische kaders sloten naadloos aan bij mijn ervaringen op de basisschool.

Hans Koopman was docent op de kunstacademie en bracht mij in aanraking met Michael Parsons. Michael Parsons deed onderzoek naar het waarderen / beleven van kunst. Michael Parsons onderscheidde verschillende stadia; de associatieve fase, de fase van de schema's, de fase van het prettig realisme, de fase van de expressie, de fase van de formele aspecten en de fase van het filosoferen.

In de basisschool zag ik vooral de eerste drie fases: * de associatieve vooral bij de kleuters * de fase met schema's in de onderbouw * de fase van het prettig realisme in de bovenbouw.

Toen ik later les gaf in het voortgezet onderwijs ontdekte ik dat de leerlingen daar voornamelijk in de expressiefase zaten; de emotie aan de macht.

Als kunstenaar startte ik een project dat ik 'de vrouwen van Ino' noemde. Ik besloot de fases van Parsons nog een keer te doorlopen door vrouwfiguren te schilderen. Per fase wilde ik 21 panelen schilderen; 21 schilderijen op houten panelen van 50x100 cm. Het aantal 21 is min of meer willekeurig; het is vooral veel. Ik wilde de fases goed onderzoeken door gewoon veel kilometers te maken. Uiteindelijk hoop ik door het doorlopen van de fases als kunstenaar iets te vinden. Ik ben heel benieuwd; ik heb geen idee waar ik uit kom.

Meer beelden: de galerie